|
Kleurgebruik bij werkjes
Om kinderen zoveel mogelijk inzicht te verschaffen in de verbanden en structuren binnen kosmisch onderwijs en kosmische opvoeding, is het aan te raden om kleuren te gebruiken om aan te geven waar een werkje bij hoort. Tijdens een workshopweek "cultural development" bij het MCI in Londen kreeg ik een lijstje uitgereikt met kleuren voor ieder gebied. Voor zover ik weet, zijn deze kleuren niet bekend bij Nederlandse scholen en/of opleiders, maar als ze dat wel zijn, hoor ik dat erg graag.
Hieronder volgt de indeling volgens het Montessori Centre International in Londen:
Planten - groen Zoogdieren - rood Vogels - licht blauw Reptielen - bruin Amfibieen - paars Vissen - lichtgroen Insecten - geel
Het dierenrijk: Protozoa - wit Porifera - Mosterdgeel Coelenterata - oranje Annelida - beige Mollusca - grijs Echinodermata - zwart Arthropoda - geel chordata - donkerblauw
Continenten: Europa - rood Afrika - groen Azie - geel Oceanie - bruin Noord-Amerika - oranje Zuid-Amerika - roze Antarctica - wit
Kleurgebruik bij het zonnespel (later zal ik hierover schrijven op de site): Planten - donkergeel Herbivoren - middengeel Carnivoren - licht geel
Land - bruin Water - blauw Lucht - geel
Het zonnestelsel - donkerblauw of zwart de aarde - donkerblauw of zwart vulkanen - donkerblauw of zwart
|
|
|
Eten en drinken
Een snacktafel is een tafel die altijd in de klas aanwezig is. Kleed de snacktafel mooi aan met een tafelkleed, bekers, schaaltjes voor crackers en koekjes. Zorg dat er altijd tissues aanwezig zijn voor de kinderen en zet een kan met water neer. Zorg voor een vaste plaats in de klas waar kinderen hun gebruikte schaaltjes en bekers kunnen achterlaten. Kinderen die willen afwassen kunnen die weer ophalen. Hang boven de tafel een label: "snacktafel" en gebruik foto's van kinderen die de tafel op de juiste manier gebruiken. Schrijf er teksten bij, zodat kinderen weten wat er van hen verwacht wordt.
Bespreek met de kinderen wanneer ze iets kunnen eten en drinken en wanneer niet, hoeveel kinderen tegelijk kunnen aanschuiven en hoe ze de tafel achter dienen te laten.
Lunch is een sociale gebeurtenis, geen traumatische. Geef kinderen de vrijheid om in hun eigen tempo en eigen volgorde hun eten op te eten en te drinken.
Betrek kinderen bij het dekken van de tafels. Maak waar mogelijk gebruik van tafelkleden of placemats, echte borden, bestek, bekers en stoffen servetten.
Na de lunch helpen de kinderen met het wassen van de tafels en het eetgerei.
Een reactie van Sandra Pruyn-Martens:
Of het een echte tip is weet ik niet, maar ik las je stukje over de snacktafel en wil je vertellen hoe ik in mijn groepen, zowel in de bb (iets andere vorm maar komt op hetzelfde neer) als in de ob, de kinderen laat eten.
Op de gang hebben wij eetkarretjes staan waarin de kinderen bij het op school komen hun "pauzehap" zetten. De tas ruimen ze op in het daarvoor bestemde tassenrek. Als de kinderen binnen zijn en de werkperiode is begonnen, haal ik of kinderen de eetkarretjes binnen en zet ze in de keuken klaar. Als kinderen trek hebben in eten, kunnen zij een placemat pakken en op tafel leggen waarna zij hun eten uit de karretjes gaan pakken. Tijdens het eten is het niet de bedoeling dat je gaat zitten kletsen, andere kinderen in je groepje zijn tenslotte nog aan het werk. Natuurlijk wordt er heus wel wat gepraat en vragen de kinderen hulp aan elkaar bij het openen van bekers etc. Als ze klaar zijn, ruimen ze hun spullen op, wassen en drogen de placemat, ruimen deze op en gaan weer aan het werk. Je ziet dat kinderen over het algemeen 15 minuten bezig zijn met eten en niet gaan tijdrekken om niet te hoeven werken bijv. Ze weten ook dat als zij eten, een ander niet kan eten, want er zijn niet genoeg placemats voor de hele klas. Bewust voor gekozen, ook even kunnen wachten hoort erbij. Ook mag je geen afspraak maken `mag ik ´m na jou?´ Niet eerlijk tegenover andere kinderen die ook wachten. Ik hoef hierbij nauwelijks bij te sturen, het wijst zich vanzelf. Sommige kinderen ontbijten al om 7.00 uur en hebben om 9.00uur al trek, een ander woont dichtbij en eet pas om 8.15 en pakt pas om 10.00 uur zijn eten.
Soms kies ik ervoor om samen te eten, aangezien het ook een sociaal gebeuren is en het soms beter uitkomt (bijv. voorstelling toneel bb, sinterklaas etc.)
Op deze manier gaat het eten soepel samen met het werken.Het is niet een botte onderbreking tijdens het werken en ieder merkt zelf wanneer het zijn tijd is om te eten. Ik help wel halverwege de ochtend even herinneren aan het eten, omdat sommige kinderen zo druk bezig zijn dat ze het vergeten maar eigenlijk wel trek hebben.
Voor mij werkt dit prima!
Desondanks vond ik het leuk om over de snacktafel te lezen en zit ik te broeden op een eventuele combinatie. Het komende jaar hebben wij nog maar een onderbouwgroep op school, waarbij ik start met 26 kleuters maar wel de beschikking heb over twee lokalen; deze zijn met een schuifdeur aan elkaar verbonden. Dit biedt ruimte voor extra hoeken en tafels en nieuwe mogelijkheden. Dus wie weet??!!
Sandra Pruyn-Martens
|
|
|
|
Het maken van werkjes:
Onthoud dat het doel van het materiaal is om het kind feitelijke informatie te geven. Wat wil je het kind vertellen over een bepaald onderwerp? Zonder de informatie wordt het werkje een mechanische handeling in het bij elkaar zoeken van de juiste kaartjes. Maak dus bij je werkje een feitenkaartje. Hierop staat informatie over het onderwerp.
Als je kaartjes wilt snijden voor werkjes, kun je hiervoor heel goed een fotosnijder gebruiken. Deze is vooral geschikt voor erg smalle kaartjes. De grootte van de kaartjes is een persoonlijke keuze. Heb je eenmaal voor een bepaald formaat gekozen, wees dan consistent in de andere werkjes die je in dezelfde zerie maakt.
Pas je lettertype aan, gebruik het lettertype dat op jouw school gebruikt wordt.
|
|
|